Nieuwsbericht

"Het mobiliteitsbudget maakt het aanbieden van alternatieve vervoersmiddelen veel makkelijker"

Geplaatst op
Midden maart bereikte de regering een akkoord over het mobiliteitsbudget. Wat houdt dat budget precies in? Wat gebeurt er nu met uw bedrijfswagen? En wat is het verschil met de bestaande ‘cash for car’-regeling? Frank Vancamp, hoofd van het autokenniscentrum bij KPMG, stond mee aan de wieg van het wetsontwerp. Hij is dus de geknipte man voor een woordje uitleg.

Met de ‘cash for car’-regeling konden werknemers hun bedrijfswagen inruilen voor een geldbedrag. Waarom komt er nu ook een mobiliteitsbudget?

“Omdat er vanuit verschillende hoeken kritiek kwam op die ‘cash for car’-regeling. Als werkgever heb je daarbij namelijk totaal geen controle over wat je werknemers precies met dat geld zullen doen. Het is mogelijk dat ze het gebruiken om zich op een duurzamere manier naar het werk te verplaatsen. Maar misschien schaffen ze zich er een vervuilende tweedehandswagen mee aan.”

“Met het mobiliteitsbudget heb je als werkgever wel die controle. Werknemers kunnen hun bedrijfswagen inruilen tegen een kleiner model, aangevuld met alternatieven zoals een abonnement op het openbaar vervoer of een bedrijfsfiets. Werknemers hoeven dus niet meer die harde keuze te maken of ze al dan niet een bedrijfswagen nemen. In plaats daarvan kunnen ze kiezen voor het vervoersmiddel dat hen het beste uitkomt. De ene dag kan dat de wagen zijn, de andere dag het openbaar vervoer.”

Maar van cash is er dus geen sprake bij het mobiliteitsbudget?

“Toch wel, want er kan nog een bedrag overblijven nadat de werknemer zijn mobiliteitskeuzes heeft gemaakt. Dat restbedrag krijgt hij dan, onbelast, uitgekeerd van zijn werkgever. Er gaat nog wel een deeltje af als sociale bijdrage: stel dat er 100 euro overblijft, dan zal de werknemer daar ongeveer 62 euro van overhouden.”

Hoe zag de mobiliteitswetgeving eruit voor de komst van het mobiliteitsbudget en de ‘cash for car’-regeling?

“Die was behoorlijk complex en onoverzichtelijk. Ieder vervoersmiddel had zijn eigen fiscale regeling. Voor de werkgever bracht dat een pak administratie met zich mee. Administratief gezien bleek een bedrijfswagen aanbieden vaak de eenvoudigste oplossing. Een nieuwe, simpelere wetgeving was dus nodig. Met het mobiliteitsbudget zullen werkgevers veel sneller de stap zetten om hun werknemers alternatieve vervoersmiddelen aan te bieden. Leasingbedrijven zoals Athlon kunnen perfect inspelen op die nieuwe behoeftes door naast bedrijfswagens ook andere vervoersmiddelen te voorzien.”

Hoe wordt het mobiliteitsbudget precies berekend?

“Het is belangrijk om weten dat alleen werknemers die een bedrijfswagen hebben of daar recht op hebben in aanmerking komen voor het budget. Voor de berekening vertrekt men vanuit de huidige autokosten, zoals de kosten van de leasing en de brandstof. Vervolgens bekijkt men de mogelijkheden. Ofwel brengt de werknemer de bedrijfswagen binnen en stapt hij volledig over op alternatieven zoals de fiets of het openbaar vervoer. Ofwel ruilt hij de bedrijfswagen in voor een kleiner model en wordt het resterende budget in alternatieven geïnvesteerd. Die tweede optie heeft volgens mij veel meer kans op slagen dan de bedrijfswagen volledig te schrappen.”

Denkt u dat het mobiliteitsbudget het fileprobleem in ons land kan oplossen?

“Jazeker. Ik geloof dat mensen uiteindelijk rationele keuzes maken, maar dat ze daarvoor soms een duwtje in de rug nodig hebben. Het voordeel van het mobiliteitsbudget is dat het een positief project is. Werknemers met een bedrijfswagen worden niet afgestraft. Het biedt simpelweg een flexibel kader aan werknemers die zich ook op een andere manier naar het werk willen verplaatsen.”

“Die flexibiliteit kan een grote stap voorwaarts betekenen: een werknemer kan de wagen gebruiken voor zover dat nodig is en voor de rest vertrouwen op alternatieve vervoersmiddelen. Sommige mensen moeten bijvoorbeeld elke dag hun kinderen naar school brengen voor ze naar het werk gaan. Dat eerste stuk van het traject kunnen ze dan met de wagen afleggen, om vervolgens over te stappen op een bus of de trein. We moeten met z’n allen evolueren naar die mix van vervoersmiddelen.”

Terug naar nieuwsoverzicht