Nieuwsbericht

Bedrijven moeten zich voorbereiden op de fiscale impact van de WLTP-norm

Geplaatst op
De fiscale impact van de nieuwe WLTP-norm op bedrijfswagens valt moeilijk in te schatten.” Dat zegt Strategic Account Manager Isha Andries, die de klanten van Athlon de voorbije weken informeerde over de nieuwe meetprocedure voor de CO2-uitstoot, het brandstofverbruik, en het bereik van een elektrische wagen. “Maar dat bedrijven hun mobiliteitsbeleid grondig zullen moeten herschikken, staat buiten kijf.

Sinds september 2017 voert Europa de WLTP-procedure (Worldwide harmonized Light vehicles Test Procedure, red.) gefaseerd in. Tegen september 2018 zouden dan alle automodellen volgens de nieuwe norm ingeschreven moeten zijn. Athlon organiseerde in april voor zijn klanten een reeks druk bijgewoonde informatiesessies rond dit hete hangijzer.

Wat houdt de nieuwe meetprocedure precies in?

“De WLTP-procedure meet de CO2-uitstoot, het brandstofverbruik en het bereik van een elektrische wagen op een realistische en uniforme manier. De vorige meetmethode, NEDC genaamd, was niet meer aangepast aan de moderne autotechnieken. Bovendien wisten autoconstructeurs perfect hoe ze hun wagens moesten ontwerpen om te slagen voor die NEDC-test. De WLTP-procedure moet daar verandering in brengen, onder meer door een bijkomende RDE-test (Real Driving Emissio-test, red.). Die meet de uitstoot ook tijdens een testrit op de openbare weg en legt daarbij striktere normen op. Nieuw is ook de rolling resistance, die een individuele CO2-waarde toekent voor elke extra optie voor een auto, zoals een leren interieur en een open dak.”

Is de nieuwe norm dezelfde voor alle Europese lidstaten?

“De waardes in de WLTP-procedure zijn inderdaad uniform voor heel Europa. Maar elke lidstaat mag zelf beslissen hoe hij die waardes implementeert in wetgeving en fiscaliteit. Sommige landen, zoals Nederland en België, laten de CO2-uitstoot zwaarder doorwegen in de belastingen dan andere. Ook het moment waarop die CO2-belastingen zichtbaar worden verschilt van land tot land. In Nederland is de impact up-front: bij de aankoop van een wagen kan je het aandeel van de CO2-belastingen meteen zien. In België zie je die impact pas een hele tijd na de aankoop: in de vennootschapsbelasting, in de ‘voordelen van alle aard’, en in de CO2-bijdrage van de werkgever.”

Heerst er bij autoconstructeurs ongerustheid over de nieuwe norm?

“Je merkt wel dat ze ermee worstelen. Autobouwers moeten immers veel van hun modellen herzien om te kunnen voldoen aan de striktere uitstootnormen. Daardoor zijn de productieprocessen van sommige modellen zwaar gehypothekeerd. Zo kan het gebeuren dat een bepaald model plots toch niet meer beschikbaar is, of dat de productie op pauze komt te staan.”

“Ook de rolling resistance, die elke optie individueel beoordeelt, zorgt voor ongerustheid. De offertesystemen van constructeurs en leasemaatschappijen zijn niet voorbereid op al die variabelen. Bovendien maakt die nieuwe normering het bijzonder moeilijk om op voorhand te weten welke CO2-waarde er uiteindelijk op het inschrijvingsbewijs zal verschijnen. Dat weet je bij wijze van spreken pas op de dag dat je wagen geleverd wordt.”

Is het al duidelijk welke automodellen klappen zullen krijgen door de WLTP-norm?

“Het is nog wat vroeg om daar eenduidige uitspraken over te doen. In de vakpers lees je wel dat vooral de kleine automodellen onder druk zullen staan door de RDE-test. Al was het maar omdat een kleine auto minder ruimte heeft om de nieuwe technieken onder te brengen die de uitstoot moeten verminderen. De kostprijs voor die nieuwe technieken zal ook zwaarder doorwegen bij een goedkoop, klein model dan bij een duurdere, grote wagen. Kleine automodellen zullen hun CO2-uitstoot bovendien sterker zien stijgen dan grote, die al een hoge CO2-waarde hadden. Een paradoxaal effect van de nieuwe testen kan dus zijn dat de kleine, zuinige auto’s minder aantrekkelijk worden dan de grotere.”

Valt de fiscale impact van de nieuwe norm dan helemaal niet in te schatten?

“Voor onze infosessies rond WLTP ben ik toch al eens aan het rekenen gegaan. We vinden het belangrijk om onze klanten, en dan vooral de vlootmanagers, te wapenen met de juiste kennis. De financiële impact van de nieuwe norm kan behoorlijk groot zijn voor een bedrijf. Al wordt de soep nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend.”

“Toch kan je je als bedrijf maar beter voorbereiden op een grondige evolutie, zowel op korte als op lange termijn. Bedrijven moeten ervoor zorgen dat er intern een draagvlak ontstaat voor de nieuwe norm, want de gevolgen zullen snel voelbaar worden. Ze moeten hun mobiliteitsbeleid onder de loep nemen: Stappen we over op een mobiliteitsbudget? Proberen we meer elektrische wagens te introduceren? Kiezen we voor autocontracten die langer lopen of net voor kortere?”

Zal de WLTP-norm elektrische wagens een boost geven, denkt u?

“Het is in elk geval de ambitie van Europa en België om CO2 volledig te bannen. Een belangrijke hefboom is elektrisch rijden. Ook autobouwers zetten daar volop op in. Zodra het bereik vergroot is en de aankoopprijs daalt, zal de elektrische wagen financieel de beste keuze zijn voor bedrijven. Het lijkt me daarom belangrijk dat ze vandaag al beginnen met het invoeren van elektrische wagens, zij het met kleine stapjes.”

“Zo is het een goed idee om één werknemer ervaring te laten opdoen met een elektrische wagen, zodat hij of zij collega’s warm kan maken. Je kan als bedrijf ook een elektrische wagen leasen in het Car to Use-systeem, waarbij de auto afwisselend door verschillende werknemers gebruikt wordt. Bij Athlon stellen we momenteel een draaiboek op om electric driving in bedrijven te faciliteren.”

Tot slot: hoe gaan jullie als leasemaatschappij om met de nieuwe WLTP-norm?

“Elk van onze klanten zal anders omgaan met deze omwenteling. De nieuwe norm vraagt een mentaliteitswijziging van bedrijven. Als mobiliteitspartner willen wij hen graag bijstaan, en samen met hen bekijken hoe ze hun mobiliteitspakket het best vormgeven op maat van hun werknemers.”

“De precieze impact van de nieuwe norm valt moeilijk in te schatten. Bedrijven, autobouwers en leasemaatschappijen zullen die dus stap voor stap moeten ontdekken. Tot dan heeft niemand de ultieme oplossing in handen.”

 
Terug naar nieuwsoverzicht