Nieuwsbericht

Een slimme stad is een mooiere stad.

Geplaatst op
door Athlon Nederland

Steeds meer steden profileren zich als ‘smart city’. Deze steden koppelen data aan technologie om zo een meer efficiënte, duurzame en veilige samenleving te realiseren. We spraken met Frans Holleman van gebiedsontwikkelaar BPD en Carlo van de Weijer van de TU Eindhoven.

Elektrische deelauto’s voor medewerkers én bewoners

De komende jaren zullen ze door het hele land verschijnen: innovatieve wooncomplexen waarin bewoners zelf hun energie opwekken en elektrische auto’s met elkaar delen. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat sloot hierover in februari 2018 een akkoord met de diverse steden. Eén van de partijen die uitvoering gaat geven aan deze plannen is BPD, een gebiedsontwikkelaar met jarenlange ervaring in ‘slim ontwikkelen’.

BPD realiseerde eerder in samenwerking met Athlon, deltaWonen en Rabobank IJsseldelta het project HSK20 in Zwolle. Dit project bestaat uit het bestaande kantoor van de Rabobank met daarnaast een gebouw met (sociale) huur- en koopwoningen. Op het parkeerterrein staan elektrische auto’s, die worden gedeeld door de medewerkers van de bank én de bewoners van het appartementencomplex. Maar het zijn niet alleen de deelauto’s die dit project bijzonder maken, vertelt Frans Holleman, directeur van de regio Noord-Oost en Midden van BPD. ‘Wij bieden de bewoners en medewerkers brede mobiliteit aan. Dat kan inderdaad de elektrische deelauto zijn, maar net zo goed een elektrische fiets of een tweedehands leaseauto.

Domme steden

Het project HSK20 is een voorbeeld van bedrijven die elkaar opzoeken om samen tot de beste oplossingen te komen. De overheid heeft een faciliterende rol. Precies zoals het hoort, volgens Carlo van de Weijer, directeur van het onderzoeksgebied ‘Smart Mobility’ op de TU Eindhoven. ‘Eigenlijk houd ik van domme steden’, grapt Van de Weijer. ‘Hoe dommer de infrastructuur en hoe minder een stad vastlegt in protocollen, hoe sneller de elementen zich ontwikkelen.’ Laat de overheid vooral faciliteren, is zijn overtuiging. ‘Een smart city is een terughoudende stad die veel vrijheid geeft aan autonome ontwikkelingen.’

Gemeenten staan met hun goede bedoelingen weleens in de weg van slimme ontwikkelingen, merkt ook Holleman van BPD op. ‘Als je wilt gaan werken met deelauto’s, loop je al snel tegen bijvoorbeeld een parkeernorm aan van anderhalve parkeerplek per woning. Gemeenten zijn vaak angstig om die los te laten. Wij kijken juist vanuit de doelgroepen.

De auto: steeds duurzamer, veiliger én goedkoper

Mobiliteit speelt in de zogeheten smart cities een hoofdrol. Maar welke vorm zal die in de toekomst aannemen? Als we af moeten gaan op trendwatchers is er in de smart city van de toekomst veel ruimte voor voetgangers, fietsers, bussen en treinen, en verdwijnt de auto naar de achtergrond. Van de Weijer is juist optimistisch over de toekomst van de auto, omdat het voertuig steeds duurzamer, veiliger en goedkoper wordt. ‘Het delen van auto’s, de autonome technieken en de ruimere keuze uit elektrische modellen maakt autorijden in de toekomst alleen maar aantrekkelijker. De overheid zal dan ook steeds minder reden hebben om autogebruik te ontmoedigen.‘

De directeur van TU Eindhoven ziet het openbaar vervoer niet als alternatief voor de auto. De kosten zouden te hoog zijn. ‘De overheid betaalt 20 tot 50 cent per gereisde kilometer per persoon. De auto en de fiets zijn voor de overheid zo goed als gratis, ook als je alle indirecte maatschappelijke kosten meerekent. En ze worden nog voordeliger als het aantal auto-ongelukken door slimmere technieken verder wordt teruggedrongen.‘

Hebben we over 15 jaar nog een eigen auto?

Holleman is ervan overtuigd dat de auto bij bepaalde doelgroepen een prominente rol zal blijven spelen in het mobiliteitsvraagstuk, maar verwacht dat de wereld van autorijden en mobiliteit er over vijftien jaar heel anders uitziet. ‘De mobiliteit voor de doelgroep in de stad vraagt daarbij een andere invulling dan de mobiliteit voor de doelgroep die in de periferie wil wonen. Voor de periferie denk ik dat we straks één auto voor de deur hebben, aangevuld met flexibele mobiliteit.’

Van de Weijer houdt vertrouwen in de auto. ‘Autobezit verdwijnt niet omdat de auto veel stilstaat. Mijn stofzuiger en mijn televisie staan ook meestal uit, maar die deel ik ook niet. Ik voorzie dat de meeste mensen straks een elektrische auto zullen hebben en daarnaast een deelabonnement voor noodgevallen. Of omdat ze gewoon eens een weekendje een Porsche willen rijden.’

Minder wegen en verkeersopstoppingen en méér groen

De auto – in elektrische uitvoering – mag dan een zonnige toekomst hebben, hij zal in de slimme stad van de toekomst veel minder zichtbaar zijn. Een gemiddelde stad gebruikt 40 procent van de oppervlakte aan mobiliteit. Dat gaat veel minder worden, voorspelt Van de Weijer. ‘Mobiliteit gaat zichzelf organiseren. In de binnenstad van de toekomst komen minder wegen, minder borden, minder stoplichten, minder verkeersopstoppingen. Er zal meer ruimte zijn voor groen. Een slimme stad is ook een mooiere stad.’

Verder lezen? Vraag gratis de Re. Thinking Mobility magazine aan

Meer lezen over hoe organisaties met mobiliteitsuitdagingen omgaan? Vraag nu gratis de nieuwste Re.thinking Mobility magazine aan. De must-read voor de mobiliteitsbeslisser!

Re Magazine 2018 Terug naar nieuwsoverzicht